Elke drie jaar verandert Kaapstad in het epicentrum van Zuid-Afrikaanse wijn. Dan is daar Cape Wine, een dynamische beurs waar iedereen die iets met wijn doet samenkomt. In september is het weer zover. Een van de grote onderwerpen? De opkomst van wijnhuizen met zwarte eigenaren. Die beweging groeit, maar is nog steeds te klein.
Tekst: Magda van der Rijst | Beeld: Magda van der Rijst en Aslina Wines
Laten we eerst even teruggaan naar de laatste Cape Wine. Als gevolg van de corona-epidemie had organisator WOSA, Wines of South Africa, een extra jaar moeten overslaan waardoor de opkomst van zowel wijnproducenten als bezoekers in oktober 2022 nog groter en enthousiaster was dan in gewone jaren. Drie dagen lang werd er geproefd, gepraat en gepartyd. Bovendien stonden er serieuze seminars op het programma. Een ervan was Black Excellence – The Key to Success in our Industry.
Slechts 35 in zwarte handen
Hoewel er door de Zuid-Afrikanen en allerlei ondersteunende organisaties hard wordt gewerkt aan gelijkwaardigheid en inclusiviteit, liggen de verhoudingen in de wijnindustrie nog altijd enorm scheef. 88 procent van de Zuid-Afrikaanse bevolking is zwart en hooguit drie procent van het totale aantal wijnhuizen heeft een zwarte eigenaar. Deze reusachtige minderheid is niet zo vreemd als je bedenkt dat pas dertig jaar, sinds de afschaffing van de Apartheid in 1994, zwarte Zuid-Afrikanen überhaupt toegang hebben tot de wijnindustrie en land mogen bezitten.
Suguqa’s droom
Een van de sprekers op het seminar was Paul Siguqa, eigenaar van Klein Goederust in Franschhoek. Siguqa ziet grond in eigen bezit als voorwaarde om de positie van de zwarte Zuid-Afrikaan in de wijnindustrie te versterken. Zelf spaarde Siguqa jarenlang om uiteindelijk in 2019 het stuk land te kopen dat zijn familie al sinds 1905 bewerkte. Siguqa: ‘Er wordt soms gedaan alsof de wijnindustrie nieuw is voor de zwarte bevolking. Dat klopt als je naar het hogere kader kijkt, maar mijn ouders en voorouders werkten al eeuwenlang in de wijngaard en kelder. We kennen het land door en door.’
Geen wijn op tafel
Toch is het hebben van ervaring iets anders dan het hebben van een wijncultuur. Wijn was voor veel zwarte Zuid-Afrikanen simpelweg geen onderdeel van het dagelijks leven. Dat merkte Ntsiki Biyela toen zij via een beurs van South African Airways bij wijnbouwkunde aan de Universiteit van Stellenbosch werd geplaatst.
Ntsiki: ‘Ik had geen idee wat de studie inhield, maar na afwijzingen voor drie andere studies zei ik meteen ja. Ik wilde per se studeren en iets agrarisch paste bij me. Ik ben in de natuur opgegroeid en leerde daarover van mijn oma, maar zij dronk geen wijn. Er was nooit wijn bij ons thuis. Ik wist niets van wijn, ook niet hoe het hoorde te smaken. De woorden waarmee de smaak van wijn werd beschreven, sloten helemaal niet aan bij wat ik kende. Om een wijncultuur op te bouwen bleken ook herkenbare woorden nodig.’
