· 

DE NACHTMERRIE VAN DE WIJNBOER

Met de winter voor de deur maken wij Nederlanders ons op voor de kou. Sjaals, dikke sokken en schaatsen komen uit de zomeropslag. Maar wat betekent vorst voor de wijnboer? Tekst Evelijn van Heuven

 

Als wijnboer heb je te maken met de elementen. Een van die elementen is vorst. Logisch: hoe noordelijker de wijngaard ligt, des te groter is het risico. Maar ook wijnboeren wier wijngaarden diep landinwaarts of op hoogte liggen moeten voorbereid zijn op temperaturen onder het vriespunt. Waar moeten zij op beducht zijn en wat kunnen ze doen? Door de eeuwen heen hebben wijnboeren allerlei oplossingen bedacht om schade te voorkomen of op zijn minst te beperken.

 

BLOED, ZWEET EN TRANEN

Eigenlijk kun je stellen dat de vitis vinifera – onze alom beminde wijnmakende druif – een wondertje van adaptatie is. Deze oeroude plant vindt immers zijn oorsprong in het warme Midden-Oosten. Het was ook niet zijn eigen keus om af te reizen naar Noord-Europese landklimaten of Argentijnse hoogvlaktes. Het waren onze voorouders die de druif hiernaartoe hebben gebracht omdat ze zich geen leven zonder wijn konden voorstellen. Het is dan ook zeker een wonder te noemen dat de druif zo gehard is dat hij serieuze vorst kan weerstaan. In de winter doet het hem niet zoveel. Het moet écht koud worden voordat de druif kapotvriest. Je hebt het dan over kouder dan minus twintig graden Celsius. Nee, de wijnboer ligt eerder wakker van temperaturen onder nul die in het voorjaar of najaar plaatsvinden. Voor ons Nederlanders kan het al een heftig effect hebben op de bloemen in onze tuin. Als het al lastig is om vorst in een enkele tientallen vierkante meters tuin te voorkomen, hoe pak je dat dan aan met enkele tienduizenden of zelfs honderdduizenden vierkante meters wijngaard? Met bloed, zweet en tranen enerzijds en inventiviteit anderzijds, is het antwoord.

 

Lees het hele artikel in WINELIFE #55. Koop hem in de winkel of bestel hem hier.